Profileren op je eigen post
Vervolging en verdrukking. Laster en lijden. Ze waren Jezus’ deel op aarde en zullen ook Zijn volgelingen niet bespaard blijven. Johannes 15: ‘Indien zij Mij vervolgd hebben, zij zullen ook u vervolgen.’ In Korea, China en Pakistan. Maar ook in Nederland. Dr. Matthijs de Blois: ‘We zullen ons steeds meer moeten profileren op onze eigen post.'
Vol. En enigszins chaotisch. Zo oogt de werkkamer van wetenschapper Matthijs de Blois in Zeist. Meterslange boekenkasten beslaan de wanden van het ruime vertrek. Ze herbergen talloze boeken, stapels paperassen en rijen mappen. Maar ook oude ansichten, familieportretten en allerhande kunstvoorwerpen. Te midden van de enorme verzameling wijst De Blois – docent Rechtstheorie aan de Universiteit Utrecht – op een oude prent, een Bijbelse afbeelding. Izak, hulpeloos, liggend op het altaar. Zijn vader Abraham heft het mes. Een ontroerend beeld, vindt de wetenschapper.
Buitengewoon voorrecht
Abraham, als teer voorbeeld van het volgen van de stem van de Heiland. Een voorbeeld dat anno 2012 niet aan actualiteit heeft ingeboet. Evenmin als de consequenties die er aan het volgen van Christus verbonden zijn. 2 Timotheüs 3:12: ‘En ook allen, die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden.’
Het volgen van de Heiland impliceert vervolging. Overal en altijd op aarde. Ver van huis, maar ook in Nederland. ‘Al kun je spreken van een wereld van verschil tussen landen als Korea en China en ons land’, nuanceert De Blois. ‘In ons land worden christenen niet gemarteld en gevangen gehouden vanwege hun geloof. Als je spreekt over christenvervolging in Nederland, maak je gebruik van een hyperbool, van een absolute overdrijving. In ons land genieten christenen veel vrijheden. Ze kunnen samenkomen in christelijke kerken en gemeenten en evangeliseren. Die aparte status is in ons rechtsbestel een buitengewoon voorrecht.’
Op de spits
Een voorrecht om dankbaar voor te zijn, merkt De Blois op. Tegelijk neemt de wetenschapper tendensen waar die hem zorgen baren. ‘De ruimte voor christenen dreigt kleiner te worden. Omdat het maatschappelijk klimaat verslechtert’, signaleert De Blois. ‘De overgrote meerderheid in ons land is seculier. Ik merk het aan de studenten op de universiteit. Als er over religie in het algemeen gesproken wordt, ontstaat er behoorlijk veel weerstand. Dat proces zet door.’
Niet in het minst manifesteert de afname van geloofsvrijheid zich volgens De Blois in de Nederlandse politiek. ‘De gevolgen van het veranderende klimaat zijn niet eenvoudig te duiden. Maar het politieke klimaat wordt ongunstiger voor christenen. Dat is een feit. Concreet zien we de christelijke partijen kleiner worden. Ze zijn een minderheid geworden. De seculiere meerderheid irriteert zich sneller aan christelijke uitingen en wil er steeds minder ruimte voor geven. In Nederland was er altijd relatief veel ruimte voor groepen, de zogenaamde zuilen. Nu krijg ik steeds sterker het idee dat er zo’n dominante seculiere meerderheid de toon gaat zetten en pleidooi gaat voeren voor afschaffing van de godsdienstvrijheid. Als gelovigen moeten we genoeg hebben aan ruimte voor vrijheid van privacy, stelt de meerderheid. In de recente discussie in de Tweede Kamer over de religieuze slacht bleek weer dat er gering gewicht aan de godsdienstvrijheid wordt toegekend.’
De Blois kritiseert de toenemende maatschappelijke irritatie en de vertaling daarvan in de politiek. ‘Neem de recente hetze rond dominee Vlietstra en zijn uitspraken over tuchtiging. Politici springen er direct bovenop en drijven de zaak extreem op de spits. Wat bescheiden kan blijven, neemt door de overtrokken reacties in korte tijd buitenproportionele vormen aan. Absurd.’
Los van God
Het politieke klimaat is anno 2012 doordrenkt van het Verlichtingsdenken, constateert De Blois. ‘De Verlichting was een omslagmoment. Toen heeft de mens zich losgemaakt van de levende God. Losgemaakt van de Bijbel als openbaring van God en als bron van gezag en waarheid. Dat denken manifesteert zich tegenwoordig steeds meer. Er is aversie tegen geloof dat zich baseert op openbaring. De Bijbel staat onder kritiek en het goddelijk gezag wordt ontkend. De anti-religiehouding heeft ook te maken met de opkomst van de islam in Nederland. In het verzet daartegen worden orthodox-gelovigen meegesleurd in de discussie. Degenen die bezwaar maken tegen islamitisch onderwijs voeren soms en passant een pleidooi tegen de onderwijsvrijheid als zodanig, aangezien men vanwege het gelijkheidsbeginsel geen onderscheid kan maken. Partijen als D66 en de PVV uiten zich daar expliciet over.’
De ophef rond de gewetensbezwaarde trouwambtenaren typeert de ongunstige klimaatsverandering, stelt De Blois. ‘Er ontstaat een ware hetze om het bestand van trouwambtenaren te zuiveren van de bezwaarden. Het wordt door de seculiere partijen als een triomf gevierd. De bezwaarde ambtenaren worden ineens neergezet als mensen die totaal niet sporen. Terwijl men overal – tot in Staphorst aan toe – kan trouwen met iemand van hetzelfde geslacht. Het is verworden tot een ideologische strijd. Men heeft genoeg van mensen die met een beroep op een oud Boek iets niet willen.’
Stem laten horen
Omdat de ruimte inperkt, zal er meer ruimte gevraagd moeten worden, roept De Blois op. ‘We kunnen stellen dat de strijd in diverse opzichten verloren is. Op het abortus- en euthanasiebeleid, onder meer. Toch kunnen we met een minderheid een groot bereik krijgen. Daarvoor zullen de christelijke partijen de handen ineen moeten slaan. Het doel moet blijven om onze rechtsorde in Bijbelse zin positief te beïnvloeden.’
Die roeping zal ieder christen moeten verstaan, stelt De Blois. ‘Elke christen zal zich moeten blijven profileren op de terreinen waar het kan. Het christelijk geluid mag niet verstommen. De gewetens moeten onrustig blijven. Het is van groot belang dat jonge christenen zich laten horen. Christelijke studentenverenigingen kunnen daar een grote rol in spelen door de studenten toe te rusten. Ook christelijke gemeenten zullen hun leden moeten oproepen om zichtbaar te zijn en te blijven.’
De Blois onderkent dat er op het christelijk erf een stuk verlegenheid is ontstaan. ‘De zuil brokkelt af. Christelijke opiniemakers laten het zitten. Er wordt steeds meer geconformeerd, in plaats van dat de confrontatie wordt aangegaan. Als je geen weerstand op wilt roepen, zal de radicaliteit minder worden. Het gevaar van aanpassing is enorm groot. Het bruggetje van de kerk naar de wereld wordt dan het bruggetje waarop de wereld de kerk binnenkomt.’
De Blois benadrukt des te meer de persoonlijke christelijke verantwoordelijkheid. ‘Krachten bundelen wordt moeilijker. Laat ieder op zijn eigen post positie innemen, binnen de grenzen van de eigen mogelijkheden. De een in de gezondheidszorg, de ander in het onderwijs en weer een ander op het gebied van recht. Je kunt niet in één keer de hele olietanker omturnen. Blijf kritisch en alert op relevante terreinen. Laat je stem horen. Want zo lang het dag is, zijn er mogelijkheden.’
Dr. Matthijs de Blois (1953) uit Zeist is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Rechtstheorie van de Universiteit Utrecht. Het onderzoeksgebied waarop hij zich vooral richt, is recht en religie. De Blois is getrouwd, heeft drie kinderen en is lid van de baptistengemeente in Doorn.
Corine Bruggink is journalist en schrijft onder andere voor De Oogst, het maandblad van Tot Heil des Volks.
Reacties (21)
Meest gelezen
Recente reactie
Steun ons werk
Habakuk is een initiatief van Tot Heil des Volks. Wij zijn afhankelijk van giften.





