Geroepen om te strijden
‘Ik zag hun bloedende hart en ik hoorde Gods roepstem. Toen zei ik: ‘Heere, hier is mijn leven.’ Van toen af aan begon ik te vechten tegen de slavenhandel die openlijk plaatsvindt, hier in onze stad.’ Aan het woord is Tom Marfo, predikant uit Ghana in de Bijlmer. Al meer dan tien jaar zetten hij en zijn vrouw zich in voor vrouwen die door mensenhandel in de prostitutie belanden.
We spreken hem in zijn vierkamerflat in de Bijlmer. In de gang liggen zo’n twintig paar schoenen opeen gestapeld, overal liggen paperassen, en op het balkon staan twee fietsen tussen de was. In het gesprek wordt duidelijk dat Marfo trots is op zijn Afrikaanse wortels. Daar hoort bij dat je niet alleen je hart, maar ook je huis openstelt voor anderen en dat je de tijd neemt voor hen. Tot op de dag van vandaag is zijn huis doorgangshuis voor slachtoffers van mensenhandel, een plek waar ze liefde ontvangen en misschien het begin van herstel. Het is een van de werkzaamheden van CARF (Christian Aid and Resources Foundation), de stichting die in 1998 door Marfo werd opgericht in zijn strijd tegen moderne slavernij.
Zelfs als Marfo op de bank zit, lijkt het of hij op de preekstoel staat. Zijn handen en zijn gezichtsuitdrukkingen benadrukken zijn boodschap. Hij zal het van zijn vader, die imam was, hebben afgekeken. Marfo groeide op als moslim en bekeerde zich later tot het christendom. Al is hij voorganger van een Afrikaanse pinksterkerk in de Bijlmer, het liefst gaat hij de barricaden op, vertelt hij zelf.
Gered door een klant
Marfo kan talloze schrijnende verhalen vertellen, van Afrikaanse meisjes die door hun eigen familie verhandeld worden tot Nederlandse meisjes wier levens een aaneenschakeling zijn van misbruik. Hij is ervan overtuigd dat als vrouwen een andere keuze hebben, niemand vrijwillig in de prostitutie wil werken. ‘Wie zou twintig keer per dag verkracht willen worden? We hebben hier een keer een Afrikaans meisje opgevangen. Ze had een jaar lang ergens in een huis opgesloten gezeten. Er kwamen dagelijks twintig mannen om haar te verkrachten. Zelfs als ze ongesteld was, werd ze niet met rust gelaten. Dat is voor Afrikanen echt een doodzonde. Ze is uiteindelijk gered door een klant. Hij zei tegen haar madam dat hij haar voor een weekend mee wilde nemen en betaalde haar genoeg. Hij heeft het meisje meteen naar het politiebureau gebracht. Uiteindelijk is ze bij ons terechtgekomen. Je kunt een tijdelijke verblijfsvergunning krijgen als je aangifte doet tegen je handelaar. Maar hoe doe je dat als je opgesloten zit en nooit buiten komt?’
Grenzeloos
Marfo vindt dat de politie harder moet optreden tegen prostitutie en mensenhandel. De politie beweert zelf dat vijftig tot tachtig procent van de vrouwen slachtoffer is van mensenhandel. Bovendien is Marfo ervan overtuigd dat het merendeel van de bordelen in criminele handen is. Volgens hem gaan prostitutie, wapen- en drugshandel hand in hand. Criminelen zoeken altijd de grenzen van de wet op en de misstanden binnen de prostitutie zijn daar een goed voorbeeld van.
‘Als we kijken naar terrorisme, zien we dat kosten nog moeiten worden gespaard om deze dreiging tegen te gaan en het werkt. De overheid investeert niet genoeg om mensenhandel tegen te gaan. Als de overheid wil, kan het zo stoppen. Alles vindt immers plaats binnen het publieke bestel? De bordelen zijn zichtbaar, de vrouwen, de pooiers. We hebben de prostitutie gelegaliseerd om onze liberale waarden zogenaamd te kunnen vieren, maar in plaats daarvan hebben we criminelen de ruimte gegeven. Het is onmogelijk om de prostitutie te legaliseren en er tegelijkertijd tegen te vechten. Als de prostitutie weer illegaal zou worden, zou het dan niet stoppen? In Amerika zijn mensenhandelaren opgepakt die levenslang hebben gekregen. Dat noem ik een grondige aanpak van het probleem.’
‘I have my men around’
Toch heeft de strijd van mensen zoals Marfo wel degelijk resultaten. Marfo vertelt dat in de jaren negentig de Bijlmer overbevolkt was met slachtoffers van mensenhandel en hun pooiers. ‘s Avonds stroomde de wijk leeg en ’s morgens zat de eerste metro vanaf Centraal Station vol met vrouwen. Wij gingen rechtstreeks achter de madams en pooiers aan. Vaak denken wij dat het kwaad machtig is, maar dat is alleen zo als goede mensen zwijgen. Als goede mensen in actie komen, dan heeft het kwade geen macht over het goede. Toen we met dit werk begonnen, waren er veel dreigingen van pooiers en mensenhandelaren, maar nu is iedereen hier in de Bijlmer heel alert op vrouwenhandel en prostitutie.’
Marfo vertelt over de gesprekken die hij met Afrikaanse mensenhandelaren heeft gevoerd. In het gesprek gebruikt hij hun eigen christelijke en culturele achtergrond om hen tot de orde te roepen. Omdat in de Afrikaanse cultuur respect voor ouderen en voor geestelijken groot is, heeft Marfo veel invloed en luisteren ze vaak. Bang is hij nooit, omdat hij genoeg van Gods kracht heeft gezien. Met een lach zegt hij: ‘Als ze niet willen luisteren, dan heb ik zo mijn middelen om hen te laten luisteren. I have my men around.’
Marfo waarschuwt dat de prostitutie zich verplaatst. In een stad waar de politie alert is en christelijke organisaties actief zijn, zoals in Amsterdam het Scharlaken Koord en CARF, wijkt de illegaliteit naar plekken waar minder controle is. ‘Groningen, Assen, Dordrecht; daar zitten de Afrikaanse vrouwen nu, maar de politie laat het gebeuren.’
Schending van mensenrechten
Marfo windt zich op over het feit dat vrouwen die geen geldige documenten hebben zonder pardon weer teruggestuurd worden naar hun thuisland. ‘Als je deze vrouwen met lege handen terugstuurt, eindigen ze nog slechter dan ze begonnen zijn. Zo’n vrouw komt aan op het vliegveld met lege handen. Je hebt overal geld voor nodig en heb je dat niet, dan betaal je maar op een andere manier. De familie accepteert nooit dat iemand uit Europa met lege handen terugkeert. Niemand heeft medelijden met een zwakke. Ik ken een vrouw die op het vliegtuig gezet was en die binnen drie weken weer hier was.’
Keer op keer benadrukt Marfo dat mensenhandel geen immigratiekwestie is, maar een schending van mensenrechten. Omdat in Nederland de prostitutie legaal is, biedt dat ruimte aan de praktijk van mensenhandel. Alleen daarom al moet Nederland de nazorg veel serieuzer nemen. ‘Het is verkeerd om slachtoffers van mensenhandel als illegale immigranten te zien. Ze zijn hier vaak immers niet op eigen initiatief heen gekomen.’ Marfo is er niet per definitie op tegen om Afrikaanse vrouwen weer terug te brengen, mits de vrouw goed wordt voorbereid op haar terugkeer.
De Ghanees is zich ervan bewust dat er twee kanten zijn en dat bij de bestrijding van prostitutie ook gekeken moet worden naar de thuislanden. Daarom is CARF bezig met het opzetten van een rehabilitatiecentrum in Ghana. Hier krijgen vrouwen die het gevaar lopen slachtoffer te worden of vrouwen die vanuit Europa weer teruggestuurd worden, een nieuwe kans. ‘Het is de bedoeling dat we de meisjes weerbaar maken en een beroep leren. Ze moeten ook stage lopen, zodat ze uiteindelijk een baan zullen vinden en hun eigen geld op een eerlijke manier kunnen verdienen.’
Geroepen
Marfo heeft niet alleen een boodschap voor de maatschappij, maar ook voor christenen in de kerk. Hij wijst op de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan, waarin de priester en de leviet hun hoofd afwenden van de stervende Samaritaan: ‘We kunnen niet zondags naar de kerk gaan, liederen zingen, er netjes uitzien en de misstanden in de prostitutie negeren. We hebben het hart van Christus nodig.’
‘Lukas 4 vers 18 betekent veel voor mij: “De Geest van de Heer rust op mij, want hij heeft mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft hij mij gezonden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan blinden het herstel van hun zicht, om onderdrukten hun vrijheid te geven.” God heeft ons allemaal daarvoor geroepen. Dat is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid. God redde ons om anderen te redden. Hij genas mijn leven. Als ik anderen zie met een gebroken leven, word ik daaraan herinnerd en wil ik er iets aan doen.’
Voor meer informatie over CARF, zie www.womentrafficking.eu. Hier kunt u ook meer te weten komen over het rehabilitatiecentrum dat nog gerealiseerd moet worden.
Foto: Tineke Smith
Tineke Smith heeft een eigen taal- en tekstbureau (www.10voortekst.nl) en heeft dit artikel geschreven voor De Oogst, het maandblad van Tot Heil des Volks.
Reacties (0) - Schrijf een reactie
Meest gelezen
Recente reactie
Steun ons werk
Habakuk is een initiatief van Tot Heil des Volks. Wij zijn afhankelijk van giften.





