Prijsstunters in de uitvaartindustrie
19/07/2011 | 796 keer gelezen

Prijsstunters in de uitvaartindustrie

Er zijn van die krantenberichten die je ervaart als een klap in je gezicht. Wat denk je van deze: ‘Uitvaartmarkt is klaar voor een prijsstunter’. Jaren geleden raakte ik al uit mijn humeur bij het lezen van een berichtje dat een aantal uitvaartondernemingen naar de beurs gingen. Ik dacht: gaat dat over mij? Nooit van m’n leven! Met name in de steden doet de uitvaartindustrie weinig moeite meer om de afstandelijkheid verborgen gehouden. Maar ook daarbuiten heerst er heftige concurrentie. Uitvaart is vooralbusiness geworden.

Ik herinner me nog een begrafenis van een oom, eind jaren vijftig in Ouddorp. De kist werd vervoerd op een koets met paarden. De buren hadden de lijkkist uit huis gedragen. Langs de route waren bij alle huizen de gordijnen gesloten. Er heerste eerbied en ontzag.

Er is in de laatste halve eeuw wel heel veel veranderd. Lijkverbranding heeft een grote vlucht genomen. En sommige begrafenissen en crematies hebben veel weg van een vrolijk feestje. Niets is te gek. Er is in de huidige cultuur minder eerbied voor het leven en nog minder eerbied voor de dood, met als voorlopige dieptepunt de recente rouwstoet-terreur.

Barmhartigheid

Bij al deze verwarring is het tijd om ons als christelijke gemeenschap opnieuw te bezinnen. Wellicht moeten we rond de dood niet meer zoveel uit handen geven aan commerciële ondernemingen. Misschien kan de kerkelijke gemeenschap een grotere rol spelen dan alleen de kerkdienst leiden.

‘De doden begraven’ is in de geschiedenis van de christelijke kerk een ‘werk van barmhartigheid’. In Mattheus 25 worden zes werken van barmhartigheid genoemd. Het vierde concilie van Lateranen (1215) heeft een zevende liefdewerk toegevoegd. Het begraven van de doden. Naar men aanneemt gebeurde dit op grond van een tekst uit het apocriefe boek Tobias: ‘Aan hongerigen gaf hij voedsel, de naakten verschafte hij kleding, en die gestorven waren of gedood, begroef hij met de grootste zorg’ (Tobias 1:20). De christenen van de vroege kerk maakten indruk op hun omgeving om de manier waarop ze rond ziekte en dood zorg droegen voor elkaar. Maar ook doordat ze de verwaarloosde lijken van hun heidense, arme en rondzwervende medemens verzorgden. Misschien wordt het weer tijd voor meer daden van barmhartigheid.

Krijn de Jong is stafmedewerker bijzondere projecten bij stichting Tot Heil des Volks.

Categorie: Columns Trefwoorden: commercie (49)

Gerelateerd

30/07/2009 - Jos de Keijzer

Reacties (0) - Schrijf een reactie

Meest gelezen

Moorden met woorden
Gert-Jan Segers op 01/05
Ontsnapt uit de hel van Kamp-14
Krijn de Jong op 02/05
Scheurmakende geestdrijvers
Otto de Bruijne op 02/05

 

 

Steun ons werk

Habakuk is een initiatief van Tot Heil des Volks. Wij zijn afhankelijk van giften.

Geef via iDeal of een machtiging.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

 
v