Bloeien of verstikken
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we bestand zijn tegen de gevaren die ons geestelijk leven bedreigen? Wat is er nodig om geestelijk weerbaar te zijn in een tijd en cultuur waarin het Evangelie zijn geloofwaardigheid en relevantie lijkt te hebben verloren?
Op deze vragen zullen de meesten van ons direct naar de geestelijke wapenrusting van Efeze 6 grijpen. En natuurlijk leert dat hoofdstuk ons welke geestelijke wapens belangrijk zijn om stand te houden. Die wapenrusting was waarschijnlijk een beeld dat Paulus vaak in zijn onderwijs gebruikte. We komen delen ervan ook elders in zijn brieven tegen, zoals in 1 Thessalonicenzen 5:8. Toch is alleen de wapenrusting kennen niet genoeg. Het is veelzeggend dat Paulus de wapenrusting in de Efezebrief pas in het laatste hoofdstuk aandraagt. Eerst behandelt hij uitgebreid de positie van de christen in deze wereld, de strijd die de gelovige ervaart en de bedreigingen van het geestelijk leven.
Ken uw tegenstander
Wat zijn de gevaren die de gelovige en de gemeente van Christus bedreigen? Vaak hebben we die gevaren tot enkele zeer overduidelijke antichristelijke fenomenen gereduceerd en voeren daar onze strijd tegen, zoals de seksuele verloedering, abortus of euthanasie. Zeker, dit zijn ernstige ontwikkelingen die niet onbeantwoord mogen blijven. Maar deze zonden zijn zo overduidelijk dat ze niet het grote gevaar voor het geestelijk leven van de christen vormen. En we kunnen ons zo eenzijdig op dergelijke bedreigingen richten, dat we niet in de gaten hebben dat er gevaren uit heel andere hoeken loeren. De duivel gaat meestal veel subtieler te werk, als schuwt hij tegenwoordig ook het 'grof geweld' niet tegen de kerk.
Verdorren
De gelijkenis van de zaaier geeft ons een belangrijk inzicht. Het zaad dat op rotsachtige bodem valt, komt snel op maar verdort ook snel. De Here Jezus vertelt in de uitleg dat dit de mensen zijn die het Woord horen en aannemen, maar als er tegenstand en vervolging komt, ook snel weer afhaken (Luc. 8).
Echte vervolging hebben we al heel lang niet gekend in Nederland. We hebben - nog steeds - de wet aan onze kant wat godsdienstvrijheid betreft, al wordt wel er aan de stoelpoten van dit grondrecht gezaagd. Dat gaat echter zo geleidelijk dat velen het niet onderscheiden. Zijn we ertegen bestand als er echte vervolging komt? Durven we straks dwars tegen de consensus van onze samenleving in te gaan? We zijn juist de laatste jaren gaan genieten van een zekere acceptatie van evangelisch christendom in onze samenleving. Maar tegen welke prijs is dit verworven? Durven we straks nog wel anders te zijn en er niet meer bij horen? Of zijn we onze boodschap aan het aanpassen naargelang de druk van tegenstand stijgt? Dat proces zou men wellicht eufemistisch de 'emancipatie' van de evangelische beweging kunnen noemen, maar Jezus noemt het simpelweg verdorren.
Maar nog veel relevanter voor ons is het beeld van het zaad dat tussen de dorens valt. Zoals de Here Jezus ons in de uitleg van de gelijkenis laat zien, staat onkruid niet voor verdrukking, maar voor het drukke bezig zijn met de beslommeringen van dit leven en voor rijkdom en genot. Het grootste gevaar is niet openlijke vervolging. De meesten van ons zouden dat snel herkennen. Het grootste gevaar is dat we naast het Evangelie zoveel andere zaken prioriteit geven in ons leven, dat dit de relatie met Christus verstikt. De duivel heeft al lang geleden de zwakke plek in ons harnas ontdekt. Die zit niet aan de buitenkant, maar aan de binnenkant. Waar onze schat is, zal ook ons hart zijn. Is ons hart bij ons mooie huis, onze mooie auto, onze pc, ons mooie tuintje, onze exotische vakantie? Bij het vermaak, het genot?
Zelfverwennerij
De duivel heeft ons verleid om onszelf op allerlei manieren te verwennen. We moeten vooral gelukkig zijn, voldaan, onze wensen verwezenlijken, dingen doen die je leuk vindt. Hij heeft onze samenleving overvoerd met vermaak, genotzucht en bezigheid, dat het moeilijk is om nog tijd te vinden voor God. Het is hem gelukt de christenen te besmetten met dat virus. Hij geeft ons zoveel om te beleven en heeft dat ‘kicken’ zo toegankelijk gemaakt, dat het beleven van de nabijheid van Christus in vergelijking daarmee een vermoeiende en onaantrekkelijke aangelegenheid lijkt. Rijkdom, genot, alle zelfverwennerij en onze drukke bezigheden zijn de grote vijanden van ons geestelijk leven.
Om geestelijk weerbaar te zijn, moeten we onszelf beperken, sober leven, ons constant afvragen of de dingen die we najagen ertoe bijdragen dat we groeien in Christus, of ons juist van Hem afhouden. Dat is de praktische geestelijke strijd die Paulus voerde: 'Ik ben geen vuistvechter, die zo maar in de lucht slaat. Neen, ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang' (1 Kor. 9:26-27). Het hele gedeelte daarop gaat over het gevaar van genotzucht, gemakzucht en afgoderij. Verderop vervolgt hij met: 'Alles is geoorloofd, maar niet alles is nuttig' (1 Kor. 10:23). Sober leven, ons beperken in wat we tot ons nemen van deze wereld is erg moeilijk in een cultuur van overdaad die zich op allerlei manieren aan ons opdringt. En onze constante focus is het behouden van onze welvaart. Daar gaat deze dagen al het nieuws over, bijvoorbeeld de discussie over de pensioenen.
Wortels
Geestelijk weerbaar worden we alleen als we prioriteit geven aan onze relatie met God. Als we ernaar jagen om Christus steeds meer te leren kennen, verliest al het andere zijn waarde. Paulus maakte gebruik van deze wereld, maar alleen in zoverre het zijn relatie met Christus bevorderde (1 Kor. 7:31). Het was hem net zo lief zonder. Zijn strijd was in de eerste plaats tegen het onkruid dat zo gemakkelijk het geestelijk leven kan verstikken: liefde voor de wereld, voor genot en geluk. En de wortels van dat onkruid reiken tot diep in ons hart. Wieden doet pijn, maar is nodig om het Levende Woord genoeg wortel te laten schieten om te groeien en te bloeien in ons leven.
Reacties () - Schrijf een reactie
Neem bij het reageren onze regels in acht.
Meest gelezen
Recente reactie
Steun ons werk
Habakuk is een initiatief van Tot Heil des Volks. Wij zijn afhankelijk van giften.







