Minderen als zendeling
Door de financiële crisis waar Europa in verkeert, zijn veel mensen gaan beseffen wat we eigenlijk al lang hadden kunnen weten, namelijk dat we meer consumeren dan ethisch, economisch en ecologisch verantwoord is. Vroeg of laat moet er dus een stap terug worden gedaan – iets waar we erg tegenop kunnen zien.
In de eerste plaats: waar moet je beginnen? De meeste mensen kunnen zich de tijd niet meer heugen dat je niet kon kopen wat je nodig had of eten wat je wilde. Doordat er zoveel voor ons wordt uitgevonden, geregeld en gemaakt, zijn wij als huidige generatie een stuk minder creatief geworden dan eerdere generaties. We weten gewoon niet meer wat we moeten doen als bijvoorbeeld een van onze machines het laat afweten, of als we zonder licht of water komen te zitten. We zijn afhankelijk geworden van onze gemaksmaatschappij. Zoals een huisdier dat niet meer weet hoe hij in het wild moet leven.
Comfort
Zelf val ik niet bepaald in de categorie ‘helden van het consuminderen’. Ik kan me niet meten met enthousiastelingen die zich vol energie op hun naaimachine en biologische groentetuin storten. Verder ben ik erg gesteld op mijn comfort. Misschien had ik als ik in Nederland was gebleven wel mijn kop in het zand gestoken in de hoop dat andere mensen zo veel zouden consuminderen, dat ik het niet meer zou hoeven te doen. Maar ik kwam op het zendingsveld terecht, dus moest ik er toch aan geloven.
Haren wassen
Toen ik voor het eerst in Azië ging wonen, nu meer dan tien jaar geleden, kwam ik in een vrij eenvoudige woning terecht. Ik wilde me douchen, maar er was alleen een kraantje laag bij de grond en een plastic teiltje in de badkamer. Ik had geen idee hoe ik daarmee mijn haar kon wassen. De handdoek die ik bijgeleverd kreeg, was niet groter dan een keukenhanddoek, terwijl ik altijd gewend was om twee grote handdoeken te gebruiken. Het kraantje zat te laag om mijn hoofd onder te houden. Daarbij kwam nog dat voor ons Nederlanders alles op een verhoging staat (tafels, aanrechten, wastafels, commodes, strijkplanken enz.) en we niet gewend zijn dingen op de grond te doen.
Na een poosje kwam ik erachter hoe het moest. Je vult een teiltje met water en steekt daar je hoofd in. Als je haar nat is zeep je het in, en dan gooi je het teiltje langzaam leeg over je hoofd om je haar uit te spoelen. Eerst was het wel een heel gedoe, vooral om zo lang gehurkt te zitten, maar na een paar maanden wist je niet beter. De kleine handdoekjes bleken tot mijn verbazing in staat om alle ongewenste nattigheid te absorberen. Weer even terug in Nederland genoot ik van de lekkere handdoeken en een heerlijk ligbad, maar ik wist dat ik ook zonder kon.
Bevrijding
Dit laatste was heel belangrijk. Ik schreef dat veel mensen er tegenopzien om een stap terug te doen, en vaak heeft dat te maken met de angst dat het zal betekenen dat we dan ook minder gelukkig zullen zijn. Dat hoeft beslist niet het geval te zijn. De meesten van ons hebben zo veel, dat er flink wat dingen zijn die we kunnen missen zonder dat we daar meteen minder gelukkig van worden. Als je een poosje wat minder spullen hebt, dan zie je dat luxe naast een zegen soms ook een gevangenis is. Je moet ervoor werken, je moet het aanschaffen, je moet het onderhouden, je moet het vervangen, het heeft een plek nodig, je moet het schoonmaken, en dat kost allemaal tijd en geld. Daarom geeft het hebben van minder spullen ook een gevoel van bevrijding.
Aanpassingsvermogen
Een andere prettige verrassing van consuminderen is dat we gaan zien dat we meer kunnen dan we denken. Een zendelinge uit Amerika vertelde me over haar eerste periode in het buitenland. Er was vaak geen water en elektriciteit. Tot haar verbazing merkte ze hoe weinig last ze daar van had toen ze door de eerste aanpassingsperiode heen was. In plaats van elke ochtend om zeven uur te douchen, douchte ze wanneer ze water had. Soms waren er avonden waarin ze haar lessen voorbereidde bij kaarslicht. Het menselijk aanpassingsvermogen is veel groter dan we denken. Ook hier speelt angst een rol. Mensen durven vaak geen drastische stappen te nemen naar minder consumeren, omdat ze denken dat ze het niet kunnen. Maar als het moet, blijkt het vaak allemaal nogal mee te vallen.
Door onze welvaart blijft veel van ons menselijk potentieel ongebruikt. Dat merkten we toen we bepaalde meubels niet konden krijgen en mijn man een zaag en een paar planken kocht en erachter kwam dat hij ook best zelf een wiegje en een bed kon bouwen. Misschien geen modellen die je in de showroom zou zetten, maar wel functioneel, gezellig en precies op maat. Ik leerde dat ik eigenlijk wel zelf Chinees en Indisch kon koken zonder zakjes en dat pannenkoekenmix gewoon meel is met een beetje zout. Als ik in Nederland was gebleven, dan was ik nog steeds van Knorr afhankelijk geweest.
Uitzonderlijk rijk
Het belangrijkste dat ik leerde als zendeling over bezit en consumeren is denk ik hoe uniek het is wat we allemaal hebben. Onbewust stel je toch jezelf als norm, en mensen die het minder dan je hebben zie je als arm. Maar als het het globaal bekijkt is dat niet terecht. Vergeleken bij het gros van de wereldbevolking, zijn wij uitzonderlijk rijk. Verreweg de meeste mensen hebben veel minder dan wij. Als we dat gaan beseffen, wordt minder consumeren niet zozeer een heldendaad, maar eerder logisch. Immers, als al die miljarden mensen het met zo weinig toe kunnen, waarom zouden wij het dan allemaal wel nodig hebben?
Dichterbij
Zo werd het inleveren van luxe en bezit wat makkelijker. We voelden ons als zendelingen altijd nog enorm rijk vergeleken met de mensen om ons heen. In Nederland is dat gevoel natuurlijk minder, maar daarom niet minder waar. Behalve wereldburger zijn we ook deel van Gods wereldwijde familie, waarvan zeer velen niet zo welvarend zijn als wij.
Verschil in welvaart creëert vaak ongewild, maar wel onvermijdelijk afstand. Het wat rustiger aandoen op materieel gebied kan ons daarom dichter brengen bij onze broeders en zusters in andere landen. En misschien houden we op die manier zelfs wel wat over om hun tot zegen te kunnen zijn.
Dit artikel verscheen eerder in De Oogst (editie januari 2012), maandblad van Tot Heil des Volks.
Reacties (6)
Meest gelezen
Recente reactie
Steun ons werk
Habakuk is een initiatief van Tot Heil des Volks. Wij zijn afhankelijk van giften.




